Vanmorgen om negen uur gingen Marjon en ik weer op pad met Alex, de chauffeur die ons gisteren naar het suppen had gebracht. Eerst reden we nog eens langs de geldautomaat en deze keer kwam er wél geld uit. Daarna vertrokken we naar het Juzani-park. In dit beschermde natuurgebied kun je de Zanzibarfranjeapen bezoeken. We waren met een groepje met een stel uit Barcelona en een moeder en dochter uit Wit-Rusland. Met een deskundige gids liepen we naar de apen. Eigenlijk waren die heel makkelijk te vinden. Ze zaten zelfs zo dichtbij de grote weg dat het verkeer denk ik in al mijn video-opnames te horen is! Maar die apen zijn werkelijk erg leuk om te zien.
Er waren ook meerdere kleintjes bij, natuurlijk heel schattig.
Het is dan onvermijdelijk dat er uiteindelijk rond de twintig mensen zicht stonden te verdringen om dezelfde bomen. Na de apen gingen we echter nog verder de omgeving verkennen. De apen woonden aan de rand van een bos dat was gegroeid op een drooggevallen zeebodem. Dat was heel apart, want daardoor liepen we deels over heel oud koraal! Er groeiden vooral mahoniebomen, maar ook veel palmen. Daarna ging het bos over in mangrove, waar ze met een soort steigers een wandelroute hadden gemaakt. Toevallig was het net eb, waardoor we de bodem overal zagen. Maar daardoor konden we de krabben beter zien.
De gids legde uit, dat de mangrovebomen in feite de hele bodem bij elkaar hielden. Hij durfde de stelling wel aan, dat Zanzibar zou wegspoelen als de mangroves zouden verdwijnen. Vroeger werd het hout wel gekapt, maar dat is dus niet meer toegestaan.
Daarna reed Alex ons naar een ander deel van het eiland voor een 'spice tour'. Die tours worden gehouden op tuinbouwbedrijven en deze had het heel leuk aangepakt. Onze gids vertelde het verhaal en een ander die geen Engels sprak, plukte en sneed de verschillende planten af. Hij had een heel grappige naam: Mister Bean! We zagen echt heel veel oosterse specerijen, zoals kardamon en kurkuma, gember, kruidnagel, maar ook arabica-koffie etc. Arabica groeit trouwens aan bomen en Robusta-koffie aan lage planten. Vandaar dat Arabica-koffie duurder is (lastiger te plukken). Op een gegeven moment liet Mister Bean ons annato zien. Dat is voor je lippen, zei hij en demonstreerde het zelf!
Maar dat is een grapje. Annato is een smaakloze kleurstof die heel veel in voeding gebruikt wordt. Zelf was ik verrast door een boom waar Mister Bean een stukje schors vanaf sneed. Het leek boombast als bij alle andere bomen, maar het rook heel sterk. Het was kaneel! Wij kennen het resultaat opgerold als een stokje of als poeder. Ook de bladeren en wortels van de kaneelboom hadden eigen toepassingen. Verder vond ik de plant voor zwarte pepers verrassen. In tegenstelling tot rode pepers groeit zwarte peper als een soort besjes aan de buitenkant van een klimplant. In gedroogde vorm zijn het zwarte peperkorrels. Als de schilletjes worden verwijderd voor het drogen, wordt het witte peper.
Er waren ook veel vruchtenbomen. Met name werden er veel lychees geteeld en kokosnoten. Als onderdeel van het avontuur konden we een man vragen om een kokosnoot te plukken. Dat was een ritueel want de man ging al zingend van Zanzibar en Hakuna Matata de boom in. Bovenin (heel hoog is dat!) plukte hij één kokosnoot die hij beneden voor ons openhakte. Uiteraard kregen wij de kokosmelk en het vruchtvlees. Terwijl ik nog een stuk vruchtvlees in mijn handen had, werden we aangekleed als een soort koning en koningin. Dus hier staan we dan!
Zowel de bloemen als de versierselen van bananenbladeren waren net gemaakt. Toen we dachten dat het afgelopen was, werden we meegenomen naar een kraampje met fruit. We moesten gaan zitten en onze handen wassen. Daarna werden we helemaal volgestopt met allerlei soorten fruit. Het was echt enorm indrukwekkend: Jackfruit, gele en rode banaan, mango, sinaasappel, mandarijn, ananas, grapefruit, er kwam geen einde aan. En dit was zo ongelooflijk rijp en ongelooflijk vers. Ik heb echt nog nooit in zo weinig tijd zoveel heerlijks gegeten. Zelfs de grapefruit smaakte uitstekend. Het meest was ik echter onder de indruk van de custardappel. Echt zalig!!
Uiteraard kreeg iedereen een fooi, we kochten onderweg wat zeepjes met fruit en specerijen, en aan het eind nog diverse kruiden en koffiebonen. Al met al wel een prijzig uitje, maar het was heerlijk.
Alex vertelde dat zijn moeder in de buurt woonde. Door een paar grappige taalmisverstandjes vroeg Alex eigenlijk voor de grap of we haar wilden bezoeken. Maar bij nader inzien vonden wij dat wel heel leuk en toen gingen we echt bij zijn moeder op bezoek. Ze woonde inderdaad superdichtbij en inderdaad had Alex daarom in het verleden ook op het specerijenbedrijf gewerkt. Moeder woonde met een jong meisje in een heel armoedig huisje. Ze vertelde (aan Alex want ze sprak geen Engels) dat ze tachtig was. Ze deed nog steeds alles zelf. Ze verbouwde alles wat ze nodig had en ze had ook wat vee. Het meisje (een jonger zusje van Alex?) was pas 12, dus het was ons niet duidelijk hoe de familieverhoudingen precies waren. We hebben ze in ieder geval samen op de foto gezet bij het huis.
Daarna reed Alex ons weer terug naar Mustapha's, waar Ole en Nando graag wilde lunchen. Het duurde echter zeker anderhalf uur voor het opgediend werd... Daarna hadden we niet veel meer dan een uur over voor het schemerig werd op onze laatste avond op Zanzibar. Marjon en ik gingen daarom snel samen nog het strand op. Ik laat de foto's verder voor zich spreken! Wij gaan nu (19:30) avondeten. Morgen vliegen we om 13:30 weer naar Arusha.
Op het strand was een Deense gymnastiekclub bezig. Het was wel grappig om de Afrikaanse bevolking te zien kijken naar Europeanen, in plaats van andersom....
Op de volgende foto een stel wiervissers:
Geen opmerkingen:
Een reactie posten