Vandaag was misschien nog wel warmer dan gisteren. We ontbeten weer bij Pisimbalá, zodat we de rekening van gisteren nog konden betalen. Wel een van de betere ontbijtjes tot nu toe, met verschillende groentes in de omelet. Samen met de koffie betaalden we $ 2000 p.p. dus fl. 2,80... In het hotel hadden we ook al een zwarte koffie met suiker gedronken, om de 2000 te verrekenen die we nog tegoed hadden.
In de brandende zon beklommen we de Alto de San Andres, waar nog meer heel mooi beschilderde graftombes te zien waren, plus een mooi uitzicht. Daarna nog het Museo Arquelogico, wat eigenlijk als mosterd na de maaltijd kwam, want het was nogal bescheiden, met alleen Spaanse teksten.
 |
| Museo Arqueologico |
De jugos maakten misschien meer indruk.
En toen was het pas half 12, nog 1 1/2 uur voor de bus vertrok. Dan maar vast die kant uitlopen.
 |
| Koffiebonen liggen te drogen langs de weg |
 |
| Te voet naar de bus - om 12:00 dus geen schaduw achter je bij de evenaar! |
Bij "El Cruce" (de splitsing), 20 minuten teruglopen, was eigenlijk niets te doen. Bij een lemen hutje met bijzonder armoedige inwoners kochten we een (niet gekoelde) cola en een "Postabon Manzana" wat mierzoete grenadine bleek te zijn. Ook daar viel weinig eer aan te behalen.
Zodoende namen we dan maar de eerste de beste bus naar Inza. Het was een echte chiva, die op de eerste rij stoelen na helemaal volgeladen was met vracht...
 |
| De bus vol vracht |
Zo kwamen we in Inza, gezien de slechte wegen een wonder van goed onderhoud. Het dorpsplein was leuk om te zien, zelfs die gieren die er boven rondvlogen. Er waren bankjes en een soort bloembak in het midden. We twijfelden of we nog een biertje zouden nemen, tot uiteindelijk om kwart over één de gammele bus naar Popayan kwam aanrijden. Toen de reizigers waren uit- en ingestapt was het eerste wat de chauffeur deed nog even de motorkap openen. Niet echt een veelbelovend teken...
 |
| Wachten in Inza |
 |
| Inza |
Het werd wel zo'n beetje de meest enerverende bustocht ooit (afgezien van
Choroní-Maracay in augustus 1993). De motor maakte veel lawaai, de uitlaat produceerde zoveel roet dat je de schaduw ervan duidelijk kon zien, de hele reis kwamen er wolken stof binnen en je voelde iedere hobbel en kuil.
Na ruim anderhalf uur kwamen we stil te staan in de buurt waar ze gisteren bezig waren een aardverschuiving weg te werken. Er bleek een vrachtautootje tot de assen in de modder te zijn gezakt.
 |
| Vastgelopen vrachtautootje op de weg naar Popayan |
Het duurde zeker een half uur voor de grote shovel het ding had weggesleept. Vervolgens was het de beurt aan onze "voorganger", de bus via Silvia naar Cali. Wel grappig, het was dezelfde bus met dezelfde bestuurder als waarmee we gisteren naar Tierradentro waren gereden. Slip slip vroem vroem vroem vroem en toen stond ook deze bus stil. Twee à drie mensen bleken deze keer genoeg om de bus weer op gang te duwen. Toen kwamen wij, met een bijna 2 keer zo groot gevaarte. Slip slip slip vroem vroem vroem achteruit vooruit enzovoort. Een keitje voor het wiel, nog wat mensen duwen en zowaar lukt het ook ons om eruit te rijden. Een kleine eetpauze en een winkeltje met kaas onderweg waren verder de enige belemmeringen op deze stoffige hobbelige weg. Tot onze verbazing kwam de bus zelfs keurig op tijd in Popayan aan.
Onderweg waren we nog wel geschrokken toen een paar grof uitziende heren met ruwe wollen poncho's de bus aanhielden, maar hoewel Marjon en ik allebei dachten dat het misschien guerrilla's waren, bleken ze gewoon mee te willen rijden. Verder was er kilometerslang een schroeierige stank: de remmen...
In ieder geval bereikten we weer een nat en kil Popayan, waar een taxi ons terugbracht naar het vertrouwde Casona del Virrey, waar onmiddellijk het licht in onze kamer werd aangeknipt en de rugzakken uit de opslag voor ons werden gebracht. Ze hadden zelfs Marjon's flutromannetje uit de Candlelight-serie laten liggen...
Marjon vertelde net nog dat toen de bus bij de prut stilstond, een medepassagier uit San Andres had verteld dat er op deze route in de afgelopen week meerdere "attacks" waren geweest...
We aten weer een comida bij La Viña, met yoghurt en cornflakes als toetje, waarna we gingen douchen (heerlijk na al het stof onderweg) en opnieuw een alcoholische cappuccino en een biertje nuttigden bij ons "stamcafé" La Luna hiernaast.
En nu vragen we ons af of Pasto wel leuk en veilig is. Ach ja, we blijven er maar 3 nachtjes.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten