vrijdag 25 september 1998

Cartagena / Volcán de Lodo El Totumo, vrijdag 25 september

We begonnen de dag (uiteraard) weer met een fruitsalade met yoghurt en müsli. Vervolgens wilden we de moddervulkaan van El Totumo bezoeken (was ons al op de eerste dag hier door een Canadees aangeraden). De 'portier' dacht eerst dat we een excursie wilden boeken, en er kwam gelijk een excursie-man aanzetten. We hadden echter gelezen én gehoord dat je er makkelijk met de bus kon komen. De excursie-man vond dat helemaal niet erg en regelde even een bijzonder gammele taxi naar de markt waar ook de bussen in die richting vertrokken.

Er stond er al eentje klaar, dus we renden er al snel heen. We waren echter ietsje te enthousiast, want het duurde misschien nog wel een uur voor we vertrokken... hij moest blijkbaar eerst vol zijn. Continu liepen er verkopers binnen met de wat normalere handelswaar. Geen t-shirts, maar mandarijnen, koekjes, chips en zelfs tandenborstels. De meest gehoorde roep in dit hete klimaat is agua agua agua, bién frio!

Gewapend met mandarijnen, koekjes en een tandenborstel vertrokken we dan eindelijk voor de tocht die volgens de TSK 'one hour, US$ 1.50' zou zijn. Die 1.50 klopte heel aardig, maar na een uur waren we Cartagena nog maar amper uit. Om de zoveel meter stapte er weer iemand in of uit, er moesten enorme houten balken en stalen frames worden ingeladen, en 'en passant' werd ook nog een band verwisseld. De bus was bijzonder oud, gammel en vol net niet schunnige stickers geplakt, en reed erg langzaam.

Toen we er eindelijk waren vergaten ze te stoppen, maar gelukkig was er een attente passagier die wel wist waar die toeristen voor kwamen en zo kwam het toch nog goed.
Over een onverharde weg met lemen huisjes bereikten we een aantal kraampjes met koele dranken, dus namen wij een ijskoude Sprite. Nu nog even de moddervulkaan beklimmen - dachten we. Het bleek dat we nog meer dan een half uur langs één van de weinige echte autowegen van Colombia moesten lopen, en vervolgens nog bijna een kwartier langs een vroeger verharde weg. En dat bij meer dan 30 graden! Door de zonnebrandcrème factor 15 gutste het zweet aan alle kanten en prikte de zonnecrème in mijn oog. Het zweet drupte letterlijk van mijn arm op de grond...

En plotseling zagen we daar ineens de modderhoop - want veel meer was het eigenlijk niet.... We hadden de hele tijd om ons heen zitten kijken of we niet een vulkaan zagen, maar het was echt maar een hoopje van 15 meter. Er waren wat kraampjes en primitieve toiletten, dus weer tijd voor een cola.
Volcán de Lodo El Totumo
We kochten kaartjes (2000 pesos) want er kwam net een hele bus vol jeugd aan, die eerst ging eten. Zo hadden wij nog even rust. Sterker nog, toen we die 15 meter hadden beklommen bleken we de enigen te zijn. Wel was er een jongen die ons de modderpoel in hielp (lekker lauw) en ons vervolgens allebei ging masseren!
In de modder met de masseur
De modder had een perfecte samenstelling; het was zo dun dat je er makkelijk in zakte, maar weer zo dik dat je probleemloos bleef drijven. Met een kussen zou het een perfect waterbed zijn geweest.

Na een tijdje kwam er nog een stel (Colombianen) die met kleren en al te 'water' gingen. En toen kwam de schooljeugd! Zeker 30 scholieren verschenen bovenaan de rand en bleken alleen maar te komen kijken. Ze vonden die 2 gringo's in de modder wel erg grappig en maakten ook foto's van ons. Toen we eindelijk met veel moeite het bad (de vulkaan) weer uitgeklommen waren gaven de scholieren (eentje met UvA-shirt!) keurig onze spullen aan - en volgden ons met z'n allen naar het meertje 40 meter verderop waar we de modder konden afspoelen!
Klaar om ons af te spoelen
Ze vonden ons weer erg interessant en bleven gillen en joelen terwijl we door 2 vrouwen werden afgespoeld. Ook onze tas en schoenen waren tijdens de wandeling van de vulkaan naar het water vol modder geknoeid , dus het duurde nog een hele tijd voor de ergste modder eraf was. Toen vertrok de hele bus scholieren weer, terwijl wij de schoonspoelers en de modderige masseur (die speciaal even naar beneden was gekomen) een fooi gaven. De masseur had geloof ik meer verwacht, maar ja: ik had gevraagd wat hij wilde.
Het diner in ons ondergoed
Ernaast was weer een kraampje (ik denk dat die schoolklas daar gezeten had) en dus kregen we een flink bord vissoep, met rijst en bier. Toen konden we er weer tegen en liepen terug. Het min-of-meer verharde stuk liep langs het meertje waar we ons hadden afgespoeld, met leuke palmboom-eilandjes, veel groen en heel veel geluiden, verschillende vogels en ook heel leuke kikkergeluiden.

De tropische omgeving van de moddervulkaan
Net toen we bijna weer terug waren bij de plek waar we uit de bus gestapt waren hoorden we getoeter: de bus. We hadden hem nét gemist! Hij zou 'om vijf uur' komen maar het was pas half vijf. We hoopten dat het een andere bus was geweest en liepen vast de goede kant op. Bij de plek waar de weg kruiste met de autoweg wachtten we het maar af. Het werd vijf uur, kwart over 5, half zes - een bus - hij draaide de verkeerde kant op. Luisterend naar de snoeiharde Colombiaanse variant van reggae uit een video-wegrestaurant probeerden we alles wat voorbij scheurde aan te houden, maar tevergeefs. Pas na zessen stopte er een stel, met een 4-wheeldrive op de autoweg en liet ons meerijden. Ze werkten geloof ik voor het staats-oliebedrijf Ecopetrol en de man sprak goed Engels. Hij vertelde dat je het op deze route wel kon vergeten met het openbaar vervoer en reed ons in nauwelijks meer dan een half uur (gratis) naar Cartagena.

Na een heeeerlijke welkome douche en een paar flinke pizzapunten bij Leidi's hebben we nu weer alle gelegenheid om bij te komen op ons inmiddels vertrouwde kamertje, waar de portier keurig mijn zonnebril had bewaard die ik bij de receptie had laten liggen toen hij de 'excursie' wilde regelen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten