Op de voorgrond zie je nog het lege, afgedankte minizwembad. We gingen nog even kijken of we alsnog voor een Ole een horloge konden kopen bij de Sears, maar die was nog niet open. Dus reden we weer Highway 5 op. Net als gisteren was het eerstvolgende benzinestation pas over meer dan 100 kilometer! Ook nu reden we over flinke berghellingen, met veel, heel veel bomen maar vandaag geen rook. En ook een groot verschil: geen bosbranden meer. Maar het grootste verschil was wel de weg. Vanaf Kamloops begon er gelijk een 2 x 2-baans snelweg, hier en daar zelfs 3 x 3, en met zelfs een maximumsnelheid van 120 kilometer per uur. Het was ook nog eens heel rustig op de weg.
Het is voor Nederlandse begrippen moeilijk voor te stellen, maar we hebben nu dus al twee dagen achter elkaar meer dan 100 kilometer achter elkaar doorgereden zonder ook maar een dorpje of stadje tegen te komen. Na Golden gisteren was er niets tot Revelstoke, en vandaag zagen we na Kamloops niets tot Hope. Alleen maar bergen en bomen.
In dit geval gingen de bomen en bergen zelfs door tot we na 230 kilometer weer het platteland bereikten. We hadden nog 100 kilometer te gaan tot Vancouver, maar de sfeer veranderde al. Het werd beduidend drukker op de weg en de maximumsnelheid ging ook omlaag tot 100 en hier en daar maar 90. Gelukkig lukte het wel redelijk om bij onze nieuwe verblijfplaats een parkeerplekje te vinden; het leek er op onze buurt in Seattle. We hadden nu de helft van een heel woonhuis!
Nadat ik het koffiezetapparaat echt niet aan de praat had gekregen, zette ik maar koffie met een percolator, we aten onze lunch van gisteren (we hadden gisteren geen trek gehad) en gingen naar het centrum van Vancouver. We reden met de auto en dat was een grote vergissing. Hoewel er in dit land heel veel auto's zijn, is Vancouver er niet op berekend. Het was echt veel te druk. Heel veel verkeerslichten dus, maar ook is het zo dat er meestal geen aparte lichten zijn voor rechtsaf of linksaf, waardoor je in de knel komt met rechtdoorgaand verkeer, voetgangers en - jawel - fietsers. Met meer geluk dan wijsheid vonden we een duur parkeerterrein bij Stanley Park. Hier gingen we - inderdaad - fietsen. Juist hier bij Stanley Park zit een hele rij fietsverhuurders. We namen zelfs elk een fietshelm en een mandje voor onze spullen. Onder mijn helm maakte ik de GoPro vast dus daarvan krijgen jullie nog wel eens de beelden te zien.
We maakten een rondrit om Stanley Park heen. Dat is een soort schiereiland, dus we reden bijna de hele rit langs het water. Dat is daar helemaal voor ingericht: eenrichtingsverkeer, tegen de klok in. Al snel zagen we de skyline vanaf de jachthaven.
En kort daarna kwamen we langs de beroemde totempalen, die op last van de inheemse bevolking met ontzag moeten worden bejegend.
Juist hier waren veel toeristen die duidelijk nog niet vaak op een fiets hadden gezeten. Ik moest zigzaggen om nog een beetje vooruit te komen. Ondertussen was het een komen en gaan van watervliegtuigen op de baai. Gisteren in Kamloops was het trouwens nog drukker in de lucht, vooral met blusvliegtuigen. Maar ook was er gisteren een mooi moment waarop de regen even wegtrok, waarvan een hele vloot aan vliegtuigen bijna in formatie achter elkaar opsteeg. Op een gegeven moment telde ik 5 watervliegtuigen tegelijk in de lucht.
Bij onze fietstocht naderden we nu letterlijk een hoogtepunt, de Lion's Gate brug. Hij lijkt heel sterk op de Golden Gate in San Francisco.
Uiteindelijk stopten we iets voorbij de linkerpijler. Op een gegeven moment zagen we een dier zwemmen in het water: een zeehond! Het mooiste moment kwam iets later, toen een cruiseschip onder de brug doorvoer. Ik maakte een foto toen er ook nog eens een watervliegtuig laag overheen vloog.
Nadat we ook een strand waren gepasseerd voerde het fietspad door het park zelf heen, heel duidelijk een echt stadspark met brede asfaltpaden maar wel mooi om te zien. Na ruim twee uur kwamen we weer terug bij de fietsverhuur.
Ole en Marjon hadden al een restaurant uitgezocht voor het avondeten: The Naam, het beste vegetarische restaurant van Vancouver. We worstelden ons weer door het verkeer heen (al een beetje gewend nu) en het was nog lastig om een parkeerplekje te vinden, maar het lukte. Het was bij The Naam zo druk, dat er al buiten een rijtje mensen stond te wachten. Gelukkig hadden we binnen een kwartier een tafel voor 6, dus nog ruim ook.
Het eten was inderdaad heerlijk en de porties heel ruim.
We namen ook nog een toetje, gebak met ijs. Er stond ook Dutch Apple cake met cranberry's op de kaart en die koos Marjon. In combinatie met de naam (The Naam) had ik wel de indruk dat er iets Nederlands was aan dit restaurant, dat trouwens al sinds 1968 bestaat.
We vonden de auto gelukkig weer terug, en er waren al wat minder auto's op straat, dus de terugweg verliep verder voorspoedig. En toen was het tijd voor dit weblog.







Geen opmerkingen:
Een reactie posten