donderdag 24 juli 2014

Wie het kleine niet eert...

Gisterochtend (dinsdag) hadden we geen excursies geregeld en gingen we dus geheel zelfstandig op pad. Sowieso moesten we weer verhuizen, naar een rest camp in het Krugerpark. Met een volgeladen auto reden we dus eerst maar eens wat in het park rond. Al heel snel zagen we olifanten. Eentje die we later zagen, stond rechts van de weg, kwam steeds dichterbij en besloot uiteindelijk net voor onze auto de weg over te steken. Dat blijft een indrukwekkend gezicht.
Maar behalve de olifanten wilde het met de grote dieren niet zo lukken. Doordat we nu zelf reden, konden we echter wel stoppen om mooie foto's van een neushoornvogel te maken. Die zitten de hele tijd aan de rand van de weg en springen pas op als je er net naast rijdt. Er zijn neushoornvogels met een gele en met een rode snavel.
Bij een plas aangekomen, vonden we weer een visarend. In Nederland zijn ze echt zeldzaam, maar in Zuid-Afrika zijn we al de tel kwijt. We hebben er minstens al vijf gezien.
Aan de andere kant van het water stonden nijlpaarden, maar die hadden we al van dichterbij op de foto gezet. Kortom, we begonnen een beetje verwend te raken. En plotseling zag ik een diertje langs de kant van de weg. Hij zag er zo schattig uit dat je hem bijna mee zou nemen.
Niet doen! Het is een jong van de gevlekte hyena! Sterkste kaken van alle dieren.

Nadat we nog een paar eenzame olifanten hadden gezien, waterbokken, impala's en diverse vogels, kwamen we aan in het Pretoriuskop Restcamp. Dit is de kleinste en oudste accommodatie binnen het Krugerpark. Wij vonden het wel erg knus. Wij en de kinderen hadden elk een kleine 'rondavel', zo'n rond Afrikaans huisje. Het Pretoriuskop Restcamp is ook groen en er hupten vooral veel vogels rond (en een eekhoorn). Dit waren wel de mooiste vogels, de hop en de Crested Barbet:
Nadat we in de kampwinkel boodschappen hadden gedaan, hadden we nog genoeg tijd over om weer een rondje door het park te rijden. Zo zagen we in de schemering een leuk stelletje zebra's.
Zebra's lopen vaak in de stukken waar brand is gewoed. Het eerste groene gras dat daar verschijnt is namelijk zoeter. Ook onze eerste zebra's in Golden Gate liepen in een zwartgeblakerd landschap.

Zonder gids moet je zelf wat beter zoeken, dus we zagen verder niet zoveel. Plotseling zag Ole weer een dier met vlekken. Maar wat een vreemde vorm! De vlekken van een giraf, maar... Het was een heel oud stuk huid van een dode giraf. Er lag een heel setje botten naast en toen zagen we ook de kop...
Op de terugweg, toen we ook weer even verdwaald waren geweest, reden we langs een helling. Ineens zag ik naast me iets bewegen in de grond. Het was heel klein. En ik zag er nog een. Het waren 'dwarf mongoose', helaas heb ik de Nederlandse term niet bij de hand. Zo groot als muizen.
Ook zagen we nog een duiker (klein soort antilope, heet ook duiker in het Engels!). En daarna een mooie zonsondergang.
Bij ons huisje was het weer tijd om zelf te braaien. We hadden boerewors gekocht en steak van... Impala... Het duurde een tijdje voordat de barbecue warm was, maar uiteindelijk was het een geslaagde en zelfs complete maaltijd, met een fruitsalade, een groene salade, knoflookbrood, rijst, wijn, wat wil je nog meer.

Vanmorgen stapten we op tijd weer in de auto om via een omweg naar de uitgang te rijden. We wilden natuurlijk nog iets mee krijgen van het Krugerpark. Al binnen een paar honderd meter zagen we weer een olifant uit de bosjes kruipen, en iets verderop weer een. Dat beloofde dus wat! Aan ons geluk met dieren was echter een eind gekomen. Bij een plas vonden we nog een olifant, en hier en daar wat impala's en kudu's, maar dat was het dan. We hadden een weg gekozen waar in de afgelopen dagen een brand had gewoed (waarschijnlijk opzettelijk, om de natuur te verjongen). Hier en daar smeulde nog een boom en af en toe hing er een rookwolk om ons heen. Aangezien de zandweg ook nog eens heel ribbelig was, was het zeker geen pretje om zo 10 kilometer te rijden. Dus we waren ook wel een beetje blij toen we het Krugerpark uit waren, hoewel we er heel erg van hadden genoten.

Om bij onze volgende bestemming te komen, namen we de zgn. panoramaroute. Die loopt door de bergen en langs de Blyde River Canyon, de grootste kloof na de Grand Canyon. Onderweg maakten we nog een uitstapje naar een goudzoekersdorpje, Pilgrim's Rest. Dat was echt een afknapper, zo toeristisch! Allemaal vage figuren die ons een parkeerplekje wilden wijzen, alleen maar cafeetjes, hotelletjes en kraampjes met houtsnijwerk... We zijn niet eens gestopt, ook al waren we hiervoor 10 kilometer door de bergen omgereden (met haarspeldbochten). We draaiden om en reden direct de 10 km weer terug naar de hoofdweg!

De Panoramaroute heeft een aantal natuurlijke bezienswaardigheden, te beginnen met de Mac-Mac Falls:
Ook hier stonden allemaal stalletjes met houtsnijwerk... Ole kocht een paar mooie figuren en Marjon een armbandje.
Verderop was 'God's Window'. Betalen, 10 Rand. Ook hier weer allemaal kraampjes met houtsnijwerk. Hier moest je klimmen voor plekjes met een prachtig uitzicht op de Blyde River Canyon.
Ook kon je hier lopen door een stukje tropisch regenwoud, heel apart. Net alsof we weer in Costa Rica waren. We liepen echt tussen de Nederlanders, want er was weer een touringcar van Fox Reizen!
Weer een aantal kilometers verderop waren de Bourke's Luck Potholes. Maar eerst betalen, bijna 100 Rand. Maar wel goede voorzieningen, er was ook een soort vakantiekamp. De potholes waren een soort diepe gaten die uitgesleten waren door de Blyde rivier (en een zijtak de Treur). Heel mooi! Op de volgende foto van Ole dus een pothole, met linksboven onze vier schaduwen vanaf een bruggetje!
Verderop weer een gratis uitkijkpunt met uiteraard stalletjes met houtsnijwerk. Hier zagen we al de Blyde River Canyon bijna op zijn mooist, maar het kon nog mooier. Er was een plekje waar ik per se heen wilde en toch reed ik er eerst voorbij omdat er alleen een bordje vanaf de andere kant stond. Dus gekeerd. En ja hoor, 10 Rand betalen en er waren weer allemaal stalletjes met houtsnijwerk. Maar goed, daar was het dan, het uitzicht op de Drie Rondavels, drie rotsen in de vorm van de bekende Afrikaanse huisjes.
En links van de drie rondavels (de Afrikaanders zeggen Rondawels) een prachtig uitzicht op de Blyde River Canyon.
Op het water was in de diepte een piepklein rondvaartbootje te zien. Moet ook prachtig geweest zijn. Ik zag trouwens ergens een rock monitor lopen, een soort leguaan.
Het begon alweer te schemeren rond vier uur en we moesten nog twee uur rijden. Het laatste half uur was het echt behoorlijk donker en uitgerekend hier kwamen we op het slechtste wegdek van heel Zuid-Afrika terecht... Afgebrokkelde randen, gaten in het asfalt van een meter breed terwijl ik er met 80 km/u overheen knalde... Een wonder dat onze auto het heeft overleefd. Maar de beloning was goed: Sefapane Lodge is luxe. In een moderne rondavel (jawel) hebben Ole en Nando elk een eigen kamer en er is Wifi in het hele huis. Het restaurant was helemaal open, met vuurkorven en kaarsjes voor de perfecte sfeer.

En nu is het bijna elf uur, zo laat zijn we al dagen niet gaan slapen!







Geen opmerkingen:

Een reactie posten