zondag 29 augustus 1993

Vilcabamba, Cajabamba, Alausí en Cuenca

De markt in Riobamba was leuker dan de markt in Otavalo. We kochten er een stevige trui (het was behoorlijk koud in Riobamba) en een hesje voor Marjon.
Rond de middag hadden we het wel zo'n beetje gezien, en toen besloten we om maar naar Cajabamba te gaan, een dorpje in de buurt van waaruit Riobamba is ontstaan. Na een half uur in de bus bleek Cajabamba niet veel voor te stellen.
Cajabamba
Het regende bovendien dus na een uurtje zaten we weer in de bus naar Riobamba waar we het eigenlijk ook wel gezien hadden. We hadden slecht geslapen en dus hadden we eigenlijk nergens meer zin in.

Dus hebben we maar een paar spelletjes gedaan, waarna we besloten om maar eens stevig te gaan eten na al die rijst met groente: tournedo! Het was voor mij de eerste keer dat ik vlees bestelde sinds Praag, 1 augustus 1990. Het vrij chique restaurant (waar het plafond achter de bar plotseling naar beneden kwam!) serveerde een prima maaltijd met een uitstekende rode wijn en ijstaart nà voor alles bij elkaar 15 gulden p.p. Net toen we zouden gaan afrekenen, kwamen er nog 2 jonge gasten binnen: Sabine en Kristoph! Met hun spijsvertering ging het ook nog niet goed. Sabine had gisteren hoge koorts gehad en diarree, dus net als wij wilden ze nu wel eens goed (stevig) eten. Het bleek dat ook zij steeds als ze wat aten een bittere smaak in de mond kregen; dat hadden wij vrijdag gemerkt en we den nu dat het aan het maïsbier lag. Ze zaten trouwens in hetzelfde hotel en hadden de dag ervoor ook in hetzelfde restaurant gegeten. Net als wij zouden ze vandaag naar Cuenca gaan (hoewel wij aanvankelijk naar Alausí zouden, tussen Riobamba en Cuenca in).

[Toen] ik om 2 uur even wakker werd bleek [Marjon] nog niet geslapen te hebben: diarree! Met wat imodium bleek de diarree toch te stoppen en zo sliepen we allebei nog tot een uur of 7 - half acht. Vervolgens naar het busstation om een kaartje naar Alausí te kopen, ontbijt en de bus in (met wat imodium voor Marjon...). De bagage moesten we mee de bus in en dat viel niet bij iedereen in goede aarde, zo'n versperring in het gangpad... Al vrij snel besloten we om meteen maar door naar Cuenca te gaan, omdat de afstand tot Alausí toch relatief kort was en de plaats zelf niet echt spannend. Dus mocht de bagage in Alausí op het dak gebonden worden.

Er zat trouwens een gezinnetje in de bus - maar men had alleen stoelen voor de ouders. 4 kinderen circuleerden dus ook nog door de bus...

Net voor Cuenca passeerden we de plaats die op 1 mei was getroffen door een overstroming. Nog steeds stond een flink deel onder water, bomen waren dood en de weg was slecht. Onderweg ook een rokende vulkaan gezien.
Het overstroomde gebied tussen Alausí en Cuenca, vanuit de bus
Cuenca, op 2500 meter hoogte (net als Riobamba en Bogotá ongeveer) bleek gezegend te zijn met mooi weer en 28° C. Met bagage zeulen was dus geen pretje en zo kozen we voor het eerste het beste hotel dat in de Travel Survival Kit aangeprezen werd. Hotel Norte bleek echter flink verbouwd te zijn en zo zitten we nu in een knots van een kamer met 2 bedden, een halletje en een badkamer met het warmste water dat we tot nu toe hebben gehad (zelfs warm water aan de wastafel!). Maar het is dan ook de duurste kamer tot nu toe sinds Venezuela... 14,- gulden...
Cuenca
Hopelijk kunnen we dan nu ook een keer goed slapen, en zoeken we morgen wel wat goedkopers.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten