Vanmorgen wilden we op tijd op pad, maar we wilden niet de wekker zetten en ik werd niet eerder dan half 9 wakker. Ach ja! Het was evengoed niet laat toen we op pad gingen. De weg van Oberhambach aar Trier was wel een echte bergweg. We kwamen weer langs de route die we hebben gefietst naar de Erbeskopf. Ik begrijp nu steeds beter waarom het zo zwaar was geweest, zelfs op een eBike... pas de laatste 15 van de 55 kilometer reden we over een snelweg. Er waren voldoende parkeergarages in Trier en dus hoefden we niet ver te lopen naar het centrum.

Trier heeft veel pleintjes en lange winkelstraten en eigenlijk was het daardoor gelijk al gezellig. Ook was er een groot aantal ijssalons, heel vreemd. De meesten hadden bovendien ook wel klandizie, al voor de lunch. Wij gingen eerst eens een rondje lopen. Zo kwamen we langs het bekendste monument van Trier, de Porta Nigra.

Dit is de grootste en de best bewaarde stadspoort van de Romeinen tijd, uit het jaar 170 en dus al 1850 jaar oud! Ondanks dat het ook een tijdje verbouwd is geweest tot een kerk (wat Napoleon omgedaan heeft gemaakt), ziet het er nog bijna origineel uit. Alleen is het zandsteen in de loop der jaren zwart geworden. Omdat we inmiddels al zoveel hadden gereden en gelopen, vonden we het nu wel tijd voor wat lekkers. Niet warm genoeg voor ijs, maar koffie met gebak verkochten ze ook.

Toen hadden we weer energie voor meer bezienswaardigheden. Omdat Trier de hoofdstad van het Westromeinse rijk is geweest, zijn er meer bijzondere Romeinse gebouwen. Het meest bijzondere is de enorme paleisaula van Constantijn de Grote, uit de vierde eeuw. Hier stond de troon van de Romeinse keizer, diezelfde man die de Romeinen tot het Christendom had bekeerd en de naamgever van Constantinopel (Istanbul). Een bijzonder idee en het gebouw ziet er ondanks Amerikaanse bombardementen nog behoorlijk origineel uit. Behalve dat bij een restauratie in de 19e eeuw al het Romeinse stucwerk is verwijderd!

Verderop lagen de ook al enorme Romeinse baden, maar helaas waren de hekken gesloten (en bovendien stond het flink in de steigers). Wat er nu wel of niet geopend is blijft voor mij een raadsel, want de Porta Nigra was wel geopend terwijl de ruimte daar binnen veel krapper is. Dus of Corona de reden was? We konden over de hekken wel een beetje zien hoe de baden eruit zagen. In 1999 hebben Marjon en ik ze al van dichtbij gezien, maar dat is lang geleden.

vanaf hier hadden we ook een mooi uitzicht op de paleisaula en het Keurvorstenpaleis dat hieraan is vastgemaakt (feitelijk ook in elkaar is geïntegreerd).

Het was sowieso een mooi park zo in het centrum, met een fotogeniek groepje Nijlganzen (rechts op de foto) waar Marjon veel tijd in heeft gestoken. We waren nu wel een beetje klaar met de Romeinen en gingen iets vooruit in de tijd, dacht ik. De grote Dom bleek echter ook al gebouwd te zijn in opdracht van Constantijn! Uiteraard was het daarna flink veranderd (vooral in de 11e eeuw), maar ook hier was nog een hele Romeinse muur overgebleven. Hoewel de Dom erg groot was, was het gebouwencomplex in de tijd van Constantijn nog vier keer zo groot!

Op deze foto zie je de Romaanse (11e-eeuwse) kant van de Dom. De linkermuur buiten de foto is Romeins. En zoals je ziet staat er rechts nóg een kerk, de Onze Lieve Vrouwe-kerk uit de 13e eeuw, een zuiver Gotische kerk van dezelfde bouwmeester als de kathedraal van Reims. Daardoor werd hij ook gered, want Napoleon vond al die kerken maar niets en wilde deze slopen, maar deed dat niet omdat iemand vertelde dat hij door een Fransman was gebouwd. In plaats daarvan werd een andere kerk gesloopt...
Beide kerken waren gratis toegankelijk en omdat we geen andere plannen hadden heb ik ze allebei bekeken. De gotische kerk vond ik eigenlijk als geheel het mooist, met bijvoorbeeld de versieringen in de plafonds.

Maar de Dom had toch wel de meeste bijzondere plekjes, als je ernaar zocht. Zo was er een ruimte waarin de mantel van Christus bewaard werd, maar ook waren er verschillende grafmonumenten waarvan ik dit barokke exemplaar het meest bijzonder vond.

Nogal onopvallend vond ik ook de deuren naar de kloostergangen. Daar ben ik om de een of andere reden altijd naar op zoek. Je ziet ze veel bij kathedralen in Spanje, maar in deze regio was het voor mij nieuw.

Deze plekjes zijn vooral mooi omdat ze meestal om een leuke binnentuin heen liggen, net als hier.

Toen hadden we wel genoeg monumenten gezien en liepen weer een winkelstraat in. Marjon kocht wat lekker belegde Duitse broodjes die we lekker op een bankje hebben opgegeten. Daarna liepen we terug naar de auto en reden weer terug door de bergen naar ons huisje. Daar stapten Marjon en ik nog even op de eBike om wat extra ingrediënten voor de maaltijd te kopen en wat lekkerder Duits bier. Marjon maakte een soort Mexicaanse maaltijd met tortilla’s en daarna was het tijd voor wat lezen en Skip Bo...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten