Zoals aangekondigd, hadden we in onze laatste accommodatie geen internet. Ik type dit dus thuis...
In ons appartement in Travnik (Apartment Vremeplov) hadden we een tosti-apparaat, dus zo hadden we weer eens een luxe ontbijtje. Met tosti's dus, maar ook met druiven en banaan. Marjon en ik gingen eens koffie drinken bij het café waar het appartement bij hoort, Café Vremeplov dus. De manager (eigenaar?) zetten ons gelijk bij het Lady Di-tafeltje. Hoezo, het Lady Di-tafeltje? Het bleek dat de man in 1997 bij een hotel had gewerkt waar Lady Di had overnacht. Zoals ik inmiddels alweer vergeten was, had Lady Diana aandacht gevraagd voor de problematiek van landmijnen en zo was ze dus ook hier in Travnik terecht gekomen. Blijkbaar was het haar goed bevallen, dus had ze vanuit Kensington Palace een bedankbrief aan hem geschreven. Inmiddels werkte hij niet meer in het hotel, maar hij had een speciaal tafeltje voor haar ingericht met de brief en foto's.
In de brief bedankt ze hem en schrijft dat de prenten die ze gekregen heeft haar 'voor altijd' zouden herinneren aan haar verblijf. Hoe wrang, dat ze nog geen drie weken later al zou verongelukken!
De trots van deze man, die Sedfuli bleek te heten (volgens de brief van Diana), was zijn grote koffie-apparaat. We bestelden cappuccino. Dat was niet de bedoeling! Voor cappuccino had hij iets van Nescafé. 'Koffie met melk, bedoelen jullie'. OK, dus koffie met opgeschuimde melk. Helemaal goed. De machine was echt heel indrukwekkend.
De barman van gisteren had verteld dat er maar twee van deze Elektra-machines in Bosnië waren. Sedfuli was automatisch de importeur geworden en hij moest dus zelf ook zorgen voor eventuele nieuwe onderdelen.
Ik praatte nog even met Sedfuli over Travnik en over Bosnië. Ik zei dat ik de indruk had dat Travnik zich aan het ontwikkelen was, met die nieuwe zaken die we gisteren hadden gezien. Sedfuli keek wat zuinig maar beaamde dat hij nu wat meer toeristen zag. Hij hoopte in ieder geval dat ik gelijk had. Ik vertelde dat ik had gelezen dat Bosnië lid wilde worden van de EU. Toen begon hij te lachen. 'Bosnië is Joegoslavië in het klein! Moslims, katholieken en orthodoxen, dat gaat echt heel lang duren'.
Hoe dan ook, Travnik kan ik iedereen als bestemming aanraden. We moesten nu echt vertrekken en reden naar Banja Luka. Hoewel Banja Luka de hoofdstad is van het Servische deel van Bosnië, was Sedfuli lovend over die stad. Heel mooi, vond hij het. De rit ernaar toe was in ieder geval prachtig. Het was amper 100 kilometer, maar het was (opnieuw) een lange bergrit die twee uur duurde, slingerend langs naaldbossen en idyllische dorpjes. Eigenlijk het mooiste van de Ardennen en de Alpen gecombineerd. Hoewel de landbouw er niet echt modern was, zag alles er netjes uit, om niet te zeggen welvarend.
Uiteindelijk kwamen we dus terecht in Banja Luka, hoofdstad van de Republika Srpska. In dit deel van de Republika Srpska waren duidelijk meer borden uitsluitend in het Cyrillisch gespeld en niet meer in Latijns schrift. Ook zagen we her en der Servische vlaggen (grappig genoeg is dat de Russische vlag ondersteboven!).
Banja Luka ligt heel ruim aangelegd aan een rivier, de Vrbas. Er is weinig hoogbouw. Toen we vonden dat het wel erg druk op straat werd, zochten we een parkeerplekje en vonden er eentje bij een café. Hier bestelden we een kopje thee (bij Sedfuli in Travnik had ik al genoeg sterke koffie gehad!). De barman begreep het woord 'water' niet, wat Ole steeds bestelde, dus ik zei 'woda' en voor ons 'chai'. Net als in het Russisch, had ik al geleerd. Nu ging het goed. Een oude man met één arm aan een andere tafel had blijkbaar gezien dat we met een Kroatische auto reden, en kwam poolshoogte nemen. Ik neem aan dat hij een oorlogsveteraan was. Het duurde even voordat het tot hem doordrong dat ik geen woord Servokroatisch verstond en dat ik uit 'Amsterdam' kwam en toen ging hij maar weer beteuterd bij zijn vriend aan het andere tafeltje zitten.
Hoewel we het gevoel hadden dat het nog een groene buitenwijk was, bleek dit al het centrum te zijn! Aan de overkant lag een kasteelruïne, het enige echt historische gebouw in Banja Luka. Er was een plantsoentje met een aantal bankjes en daar aten we het gebak dat Marjon 's ochtends nog in Travnik had gekocht.
Er kwam enorm harde dance-muziek uit het kasteel, dus we gingen eens poolshoogte nemen. Door de poort kwamen we uit bij de rivier. Achter een van de andere muren bleek een festivaltent te staan, waar ze waarschijnlijk het geluid aan het testen waren. In de river was een aantal oudere mannen aan het pootjebaden, in hun onderbroek.
Tussen het kasteel en onze auto stond nog een kerk. Hij zag er katholiek uit, maar was versierd met figuren die op iconen leken.
Toen ik er langs liep, bleek dat de deur openstond en binnen waren inderdaad grote iconen te zien. Het zal dus een orthodoxe kerk geweest zijn (echt Servisch dus).
Overigens waren er ook (nieuwe) moskeeën met minaretten in de stad. In 2009 werd de grote orthodoxe kathedraal heropend, nadat die diverse malen was verwoest. Voor het laatst tijdens de tweede wereldoorlog en tijdens het communisme was hij niet herbouwd.
Omdat het hier goedkoper was en we de tank niet helemaal vol moesten inleveren, besloten we dat het hier aantrekkelijk was om te tanken. De vrouw bij de pomp sprak Servisch, de man bij de kassa ook. Toen ik terugkwam bij de auto, wenste de vrouw mij nog wel in keurig Engels een goede reis! Zodra we de stad uitreden, kwamen we op een autoweg. Binnen een paar kilometer stonden er natuurlijk tolpoorten. Het leek een andere planeet. Hypermoderne gebouwtjes, een grote Europese vlag - met een grote Servische vlag ernaast. En daarna een gloednieuwe snelweg zoals je zelfs in Nederland niet vaak ziet, zulk mooi asfalt met glimmende vangrails en gloednieuwe borden. Allemaal vertelden ze dat dit de weg naar de grens was, in het Cyrillisch en Latijnse letters. En ook het landschap was anders: het was hier zo plat als Nederland.
De grens lag nog wel tientallen kilometers verderop, en net als bij de grens tussen Tsjechië en Duitsland vorig jaar was het laatste stukje snelweg nog niet klaar. Dus slingerden we nog een kilometer of tien door allerlei Servische dorpjes. Deze kant op werden de paspoorten maar vluchtig gecontroleerd, maar het viel op dat een vrachtauto aan de andere kant zijn dekzeil weer dicht moest maken, dat blijkbaar helemaal open was geweest. En toen stond daarachter een lange file van vrachtauto's en personenauto's. We kwamen over een brug bij de Kroatische grenspost, waar we opnieuw amper werden gecontroleerd, maar de file de andere kant op ging gewoon door. Het waren vooral vrachtauto's die minstens een kilometer achter elkaar stil stonden. Ik vermoed dat ze niet allemaal nog dezelfde dag aan de beurt zouden komen.
Wij belandden vrijwel direct weer op een tolweg waar ik nog eens 170 kilometer lang vrijwel continu 130 kon rijden. Iets na vieren kwamen we in Nieuw-Zagreb bij een ietwat sjofele buurt met flatgebouwen terecht, waar Apartments Nina zou moeten zijn.
We vreesden ergens boven terecht te komen, maar het bleek een appartement op de begane grond te zijn. We waren aan de late kant maar toch werden we nog vriendelijk te woord gestaan. Het appartement was ruim, netjes, behoorlijk modern en voordelig.
We hadden nog tijd genoeg om de binnenstad van Zagreb te bezoeken. Er liep een goede en snelle weg naar het centrum en waren zoveel parkeergarages dat ik bijna naast de kathedraal kon parkeren voor maar € 0,50 per uur. Heel wat anders dan de enige parkeergarage in Dubrovnik, waar het tien keer zo duur was! De kathedraal stond een beetje in de steigers, maar het grootste deel van het gebouw was al prachtig gerestaureerd.
Er waren diverse grote, fraai aangelegde pleinen met vele winkels. Ole merkte op, dat hier overal gratis WiFi was. Ik was vergeten om alvast in te checken voor onze terugvlucht de volgende dag. Het openbare internet hier was echter zo snel, dat ik op mijn gemak met mijn mobiele telefoon op een opgeruimd marktkraampje alsnog kon inchecken.
Ole wil graag vegetarisch eten, en dankzij het gratis internet kon hij ons naar een goed aanbevolen biologisch restaurant loodsen. Zrno. Het was er inderdaad heerlijk en niet te duur! We bestelden allemaal iets verschillend, iets teveel om op te noemen. Het was ook een perfecte manier om een groot deel van onze resterende Kuna-biljetten uit te geven. We hielden ook nog wat over om te shoppen. Daarvoor is het 19e-eeuwse deel van Zagreb bijzonder geschikt (we zijn niet in het Middeleeuwse deel geweest). Ole en Marjon verdwenen in een hypermoderne H&M, terwijl ik met Nando in de Apple Store ernaast ging kijken. Nando had immers zijn telefoon meegenomen in zee en zocht nu wat nieuws. Het was nog boven zijn budget, maar we hebben in ieder geval gezellig gewinkeld.
Op het plein voor het moderne winkelcentrum waren de terrassen nog stampvol. Het was dan ook nog steeds ruim 30 graden.
We hadden nog steeds wat Kuna's over, en toen liepen we langs een ijskraampje. Oh ja. We hadden nog genoeg geld voor allemaal één bolletje. En toevallig bleek dat werkelijk het heerlijkste ijs te zijn dat we in Kroatië hebben geproefd. Terwijl het overal al zo heerlijk was geweest! Een perfect einde van de reis. Het werd nu donker in de stad en we reden dus terug naar ons appartement.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten